Het begrip ‘identiteit’ begint zich op te dringen in het openbare debat. Niet zo gek, identiteit raakt aan de individuele eigenheid, en geeft steun bij het verwerven of verdededigen van een persoonlijke positie in de samenleving. Toch moet het belang van identiteit niet overdreven worden. Identiteit kan immers een belemmering vormen om met een open geest andere mensen en de hele samenleving tegemoet te treden.

Waaruit bestaat eigenlijk een ‘identiteit’? Het lijkt te gaan om dit soort dingen: sekse, seksuele voorkeur, huidskleur, ras of afkomst, nationaliteit, cultuur, religie.

  • Sekse: man, vrouw of iets anders – daar kun je niet voor kiezen.
  • Seksuele voorkeur – zit ingebakken, is weinig aan te doen
  • Huidskleur – krijg je van je ouders, kun je niks aan veranderen
  • ‘Ras’ – er is maar één ras: het menselijke
  • Afkomst – ligt vast, maar je toekomst ligt open
  • Nationaliteit – krijg je bij geboorte opgeplakt
  • Cultuur – neem je grotendeels onbewust gestaag in je op
  • Religie – wordt meestal met de paplepel ingegoten, maar kun je wijzigen

Discussie heeft weinig zin

Zoals er over smaak niet valt te twisten (nou ja, dat kan wel, maar je komt er nooit uit), heeft discussie over identiteit ook weinig zin. Die identiteit heb je nu eenmaal, is weinig aan te doen. Het gaat erom wat iemand, met of zonder bewuste beleving van de eigen identiteit, gaat doen, hoe hij zich gedraagt en omgaat met medemensen.

Eigen persoonlijkheid

‘Identiteit’ is maar één aspect van iemands leven, bovendien een vrij statisch aspect, waar grotendeels niet zelf voor is gekozen. Vrijwel ieder persoon heeft diverse andere aspecten, waar vaak wel vrijelijk voor is gekozen. Die aspecten zijn daarom belangrijker voor een eigen persoonlijkheid en dragen bovendien sterk bij aan de veelvormigheid en dynamiek van een samenleving. Het gaat dan bijvoorbeeld om een beroep, hobby’s, partnerkeuze, gevoel voor humor.

Arbeider, kantoorman, kunstenaar

Iedereen kiest zelf voor een beroep, dus voor een manier om een financieel en sociaal zelfstandig bestaan op te bouwen. De beroepskeuze komt voort uit individuele interesses, die vrij te vormen zijn, alsmede fysieke en verstandelijke capaciteiten, die grotendeels genetisch vastliggen maar wel te trainen zijn. Beroepskeuze lijkt niet te horen tot iemands ‘identiteit’, maar geeft beslist richting aan iemands leven. Het maakt uit of je arbeider bent of boer, kantoorman, wetenschapper, of kunstenaar.

Levensvreugde

Hobby’s, van allerlei soort, kunnen ook sterk bepalend zijn voor de nodige levensvreugde. Je kunt bijvoorbeeld heel individueel gaan vissen, puzzelen of een modelspoorbaan bouwen. Maar ook samen sporten of als re-enactor oude veldslagen naspelen. De een gaat voor zijn lol tuinieren, een ander filosoferen. Niet zelf sporten maar wel behoren tot de fanclub van een voetbalclub kan iemand zeker enige identiteit verschaffen.

Vrije partnerkeuze

Partnerkeuze is doorgaans zeer bepalend voor het verloop van iemands leven. Althans, als die partnerkeuze vrij is. Die keuze is vaak niet vrij in samenlevingen en culturen waar men juist sterk hecht aan ‘een eigen identiteit’, bijvoorbeeld hindostanen, Jehova’s getuigen, moslims in niet-islamitische landen. In dit soort gevallen betekent identiteit al gauw een levenslange opsluiting in de eigen beperkte groep.

Niet-identitaire zaken

Het interessante van niet-identitaire zaken als beroepskeuze en hobby’s is dat iedereen daar zelf vrijelijk voor kan kiezen, en kan switchen wanneer hij of zij wil. Hobby’s geven sjeu aan het leven, maken mensen gelukkig. Bij betaald werk ligt dat iets genuanceerder: het werk zelf maakt lang niet altijd gelukkig, de betaling meestal wel. De (al dan niet vrije) keuze voor loondienst of een zelfstandig bestaan heeft weinig van doen met identiteit, maar is wel sterk bepalend voor de manier waarop iemand zijn leven kan inrichten.

Groeps-identiteit als kleurloosheid

Geheel zonder identiteit is iemand al snel een wat kleurloos persoon en weinig interessant.  Paradoxaal genoeg geldt dat ook bij het tegenovergestelde: iemand met een sterke hang naar identiteit, vooral als het gaat om een groepsidentiteit waarvoor geen vrije keuze mogelijk is. Zo iemand is niks bijzonders. Interessant en werkbaar zijn wel de identiteitsaspecten waar iemand zelf voor kiest: trotse arbeider, dienstbare ambtenaar, vrije zelfstandige, toegewijde moeder of desnoods zorgeloze flierefluiter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *