De oorlog die Rusland in Oekraïne heeft ontketend zorgt primair voor onnoemelijk veel leed en schade in Oekraïne. In de westerse wereld zorgt dit, naast grote economische schade, voor veel ongemak. Ongemak dat raakt aan de fundamenten van onze democratie, aan onze cultuur en beschaving.

vluchtende oekraieners

Oekraiense burgers op de vlucht voor oorlog.

Een overgrote meerderheid van de westerse bevolking ‘steunt Oekraïne’, maar laat de oorlog voortduren door niet militair in te grijpen. Met als reden dat militair ingrijpen een Derde Wereldoorlog of een nucleaire catastrofe kan ontketenen.
Ongemakkelijk, want ratio en gevoel strijden hier om voorrang.
Oekraiense vluchtelingen worden ruimhartig opgevangen, maar direct al met het angstige voorgevoel ‘dat het er erg veel kunnen worden, en dat dit lang kan duren’. Ongemak is er ook over het grote verschil in gastvrijheid jegens de miljoenen vluchtelingen uit Syrië.

‘Europese familie’

Minder manifest is een ander ongemak, dat raakt aan de fundamenten van onze democratie, aan onze cultuur en beschaving. Waarom steunen we nu Oekraïne zo massaal met vlaggen, hartjes en wat niet al, terwijl dit land amper behoort tot ‘de Europese familie’? Geen lid van EU of Navo, lang onderdeel van het Sovjet-rijk, met een taal die we niet verstaan en een alfabet dat we niet kunnen lezen. Het gebied van Oekraïne is in de loop der historie ook voornamelijk ‘slechts’ een regio geweest, niet een zelfstandig land.

Natuurlijk, de steun voor Oekraïne is primair een protest tegen de agressor Rusland. Immers: de vijand van mijn vijand is mijn vriend. Maar dat is slechts een gelegenheidsvriend.

Was te voorkomen?

De verontwaardiging en woede over de verwoestingen door Rusland zijn groot, terecht natuurlijk. Maar ook hier sluimert ongemak. Want de vraag blijft: was dit te voorkomen geweest? Primair natuurlijk als de Russen gewoon thuis waren gebleven. Maar hoe zou het zijn gelopen als het Oekraiense leger snel de strijd had gestaakt? Deze suggestie klinkt laf, eerloos. Maar wat deed Nederland in mei 1940? Capituleerde vlot, omdat anders niet alleen Rotterdam, maar ook vele andere steden zouden zijn gebombardeerd, met onnoemelijk leed tot gevolg. Japan ‘koos’ uiteindelijk ook voor capitulatie boven totale vernietiging door atoombommen.

Maar Oekraïne capituleerde niet. Ging het gevecht aan, met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat het de strijd uiteindelijk tóch zal verliezen, met een verwoest land als resultaat. Rationeel gezien heel onverstandig. Maar ja, als je eer op het spel staat…

Nationale trots en eer

Hier wringt mogelijk het grootste ongemak: de afweging van verstand en gevoel. Gevoel in de vorm van eer, trots en nationale identiteit. Dat gevoel heeft in Oekraïne gewonnen – verloren zijn gegaan duizenden fysieke levens en miljoenen sociale levens alsmede hele steden en dorpen.

In de westerse wereld knaagt eenzelfde soort ongemak: wat als ‘we’ expliciet hadden laten dat de Navo níet verder oostwaarts zou worden uitgebreid met Oekraïne? Dat zou ’toegeven aan Poetin’ zijn geweest, maar had vrijwel zeker de angel uit het conflict gehaald en onvoorstelbaar veel leed en verwoesting voorkomen. Wat is waardevoller?

Trots beperken tot sport

In westelijk Europa hebben we na WO II gevoelens als vaderlandsliefde, eer en ‘nationale trots’ weten te kanaliseren en te beperken tot sport, en bijvoorbeeld de Deltawerken. Met tientallen jaren van vrede en voorspoed als gevolg. Alleen op de Balkan werden die gevoelens weer aangewakkerd, met desastreuze gevolgen. En nu in Oekraïne weer, vooral ook door het gehits in Rusland.

Vluchtende Oekraieners verdienen onze steun, of we ze nu kunnen verstaan of niet. Steun verdient ook het vaste voornemen om gevoelens als aangewakkerd nationalisme of opgeklopte trots nooit meer een agressieve lading te laten krijgen – dat nooit meer.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.